Info Echternach

MEER INFO ECHTERNACH

Echternach (Luxemburgs: Iechternach) is de oudste stad in Luxemburg, gelegen aan de Sûre of Sauer aan de oostgrens van het groothertogdom. De abdij in de stad werd in 698 gesticht door Willibrord. Echternach is een belangrijke toeristische trekpleister waarin regelmatig het aantal toeristen het inwonertal overtreft.

De naam van de stad wordt in 706 geschreven als Epternacus. De naam is mogelijk afgeleid uit de persoonsnaam Epternus en het achtervoegsel -(i)acum. Deze (gereconstrueerde) naam werd gevonden op een grafsteen uit de eerste eeuw na Christus binnen de stad, doch er bestaan twijfels over. Op de steen zou slechts -ternus te lezen zijn geweest. Centraal in de stad ligt het historische stadhuis in gotische stijl uit de 15e eeuw. In Tweede Wereldoorlog werd Echternach zwaar gebombardeerd waardoor een groot deel van de stad werd verwoest.

In Echternach is ook de abdij van Echternach te vinden met daarin het graf van de heilige Willibrord. De Engelse monnik Willibrord kwam naar Echternach vanuit Nederland en België en bouwde in het stadje onder bescherming van Plectrudis, de eerste vrouw van Pepijn van Herstal, en haar moeder Irmina van Oeren de grote abdij van Echternach. In het klooster zijn nu een school en kantoren te vinden. Deze Abdij werd in 698 door Willibrord gesticht op grond van de Pepijnen. Het was het eerste Angelsaksische klooster in continentaal Europa. Willibrord is er ook gestorven en begraven.

De eerste bloeiperiode was van 698 tot 847 onder de Karolingen. In 751 en 768 werd de immuniteit verworven, wat de basis was voor de vorming van een abdij-vorstendom binnen het Heilige Roomse Rijk. Sinds 973 behoorde de voogdij aan de graven van Luxemburg.

De tweede bloeiperiode begon in 971 toen de monniken mochten terugkeren. Tijdens de middeleeuwen was de abdij een belangrijk centrum van cultuur. In de crypte van de basiliek ligt het graf van Willibrord. De abdij werd in 1944 bij een bombardement grotendeels verwoest, maar werd nadien herbouwd.

In 1379 verkreeg de abt de regalia. In 1478 greep de hertog van Bourgondië als hertog van Luxemburg in bij de keuze van een nieuwe abt. Na dood van abt Robert van Monreal in 1539 brak een successiestrijd uit: de monniken en de door hun gekozen abt vluchtten voor de Bourgondische abt Godefrid van Aspremont; de gekozen abt handhaafde zich in exclaves die binnen het keurvorstendom Trier lagen. In 1548 verloor de abdij zijn Reichsstandschaft en werd hij losgemaakt van de Nederrijns-Westfaalse Kreits. Voortaan maakte de abdij als deel van het hertogdom Luxemburg deel uit van de Bourgondische Kreits. Tot 1775 werd de abt nog beleend door de keizer met de regalia. Hij was Luxemburgs onderdaan, maar Reichsunmittelbar leenman. Na de inlijving van het hertogdom Luxemburg bij de Franse republiek in 1797 werd de abdij opgeheven.

Sinds de Middeleeuwen vindt op dinsdag na Pinksteren jaarlijks de Processie van Echternach plaats ter ere van Willibrord. De deelnemers van deze processie van Echternach, ook wel de springprocessie genoemd, zijn aan elkaar vastgemaakt met witte zakdoeken en springen in de maat van de processiemars naar voren, afwisselend op hun linker- en rechtervoet. Dit is in 1947 zo ingesteld omdat het toenmalige ritme (drie stappen naar voren en twee terug) voor chaos zorgde. De heilige Willibrord gold als een genezer van de Saint-Guy-kwaal: epilepsie.

 

No Comments Yet.

Leave a comment